Hier is een zesstemmige inzing-oefening met arpeggio’s in mineur. De zangers maken eenvoudigweg een tertsstapeling; grondtoon, terts, kwint, septiem, none en elf. Vervolgens wordt dezelfde tertsstapeling van boven naar beneden gezongen, zodat de mannenstemmen gedwongen worden te luisteren naar de vrouwenstemmen.

Deze oefening kun je zingen met een enkel akkoord. Maar na enige oefening zit dat akkoord in het gehoor en wordt de uitdaging minder groot. Daarom kun je de arpeggio achtereenvolgens zingen op de trappen I-IV-I:

Eventueel kun je de oefening nog verder uitbreiden door de arpeggio ook op de vijfde trap te zingen.